verhalen

Vallen en opstaan

 

Voor mij geen schaatsen kijken langs een bevroren vaart. Ik ben geen fan van kou. Mijn eigen eerste schreden op natuurijs was een drama. Hoe hield ik mij staande al die tijd. Vader, die mij toen hielp, hield ik zo stevig vast dat hij een paar dagen na het schaatsdrama mijn vingers nog in zijn arm voelde.
Een kampioen zou ik zeker niet worden. Van geen enkele sport overigens. Ik mis de prestatiedrang. Het maakt mij werkelijk niet uit of ik win of verlies. De wollen muts die moeder had gebreid jeukte op mijn hoofd. Later in de tijd bleek dat ik niet tegen wol kon. Als er maar een pietsje wol in kleding zat dan kreeg ik rode vlekken van de jeuk. Liever mijn haren in de wind.
Mijn wangen gloeiden bij elke poging die ik deed om vooruit te komen. Het liefste had ik die glij-ijzers, zoals ik mijn doorlopers noemde, uitgetrokken en in het bevroren gras gegooid.
Ik dacht er toen slim aan te doen om zo dicht mogelijk bij de grasrand te schaatsen. Het ijs was daar wat zachter en mocht ik vallen dan hoopte ik in het gras. Onverwachts ging ik onderuit en vader greep mij vast. Waarom kon ik niet schaatsen? vroeg ik mijzelf af. Ik was een angsthaas. Er waren kinderen van mijn leeftijd op het ijs die mij voorbijgingen. Uit kwaadheid trok ik mijn muts van mijn hoofd, waarop vader zei dat ik verkouden zou worden als ik de muts niet opdeed.
Het natuurijs waar ik op probeerde te schaatsen zat vol met bobbels en scheuren. Met een bonzend hart deed ik nog een paar pogingen. Zweetdruppels liepen in mijn hals. Ik was bang dat ik door deze scheuren zou vallen. Een oudere jongen schaatste steeds maar om mij heen. Mijn vader raakte geïrriteerd. Op een zeker moment schaatste hij mij omver waardoor ik op mijn achterhoofd viel. Dat kwam hard aan. Ik hoorde mijn vader een opmerking maken tegen hem.
Vader hielp mij overeind. Ik had een lichte hoofdpijn. De lol was eraf. Vader vond het welletjes. Samen reden wij op zijn fiets naar huis en hing ik de doorlopers in de wilgen.
Jaren later trouwde ik een jongen uit een dorp, die een natuurijs schaatser is. Volgens kenners is hij een talent. Ik heb zo mijn eigen talenten zoals mijn creatieve hobby’s waarbij ik mij veilig voel.