verhalen

Klei

Ik voel de blikken prikken in mijn rug. Een keukenplank vol Nutrilon voor de baby in het hoofd van Masha, mijn vrouw. Ik draai de kraan dicht en loop met afgewend hoofd de keuken uit. Haar imaginaire baby en de blikken, ik ben er klaar mee. Toch blijf ik, voor het huis, het zwembad, en Masha's banksaldi. 

Ze laat haar Judith Leiber handtas van haar schouders glijden. 'Excuus, lief. Ik was langs oom Avram.'
O, is hij nog druk met de Kabbala?'
'Ja, we hebben gestudeerd, alles komt goed.'
Zwijgen is onverstandig. Knikken met een glimlach het best. Niet té, uiteraard.
'Wat lach je?' vraagt ze.
'Je ziet er fris en vrolijk uit, aanstekelijk.' 

Na ons diner geeft ze het personeel vrijaf. 'Ik ga wandelen langs de rivier,' zegt ze.
Ik houd mijn verbazing voor me en blaas een handkus terug. Met het dichtvallen van de voordeur schuif ik het album van Mastodon in de cd-speler. Snel kleed ik me uit, de zware gitaren denderen door het huis. De schuifdeuren naar de tuin rollen soepel opzij – ik neem een aanloop, veer op de duikplank en maak een bommetje. De lampen in het bassin trekken bundels door het water.
Weer aangekleed, zet ik de muziek zachter. Ik schenk een whisky in en ga onderuit op een van de leren banken zitten. Ik schommel met het glas: de rook van een turfvuur, maak ik mezelf wijs. De cd is afgelopen, ik laat de stilte en schenk bij.
Masha komt thuis. Ik ga rechtop zitten en kam met mijn handen mijn haar.
'Wat heb je daar?' vraag ik. Ze houdt een bundeltje voor zich, ik herken een oude slaapzak. Er zit iets in, het beweegt. Ik zet het glas weg. 'Masha, wat is dat?' Uit het bundeltje komt murmelend geluid. Een gewond dier misschien?
'Ons kind.'
'Wat? Laat zien!'
Ze opent het bundeltje. Mijn hoofd tolt, ik probeer te slikken. Zwarte oogjes in een donkergrijs kopje kijken me aan.
'Masha? Wat heb je gedaan?'
'Van de kleverige rivierklei een Golem geboetseerd en er zeven keer omheen gelopen. Precies zoals oom Avram het heeft uitgelegd.'
Ik stap achteruit, stoot tegen de tafel. Het glas maakt een rondedans. Ik draai naar de schuifdeuren. Masha staat voor me, ze reikt het bundeltje aan. 'Alsjeblieft, ons kind.' De golem groeit. Ik hoef hem niet aan te pakken. Hij springt uit Masha's armen.