verhalen

De Zee Was Die Dag Ver ...

De zon weerkaatste schel in de met sneeuw bepoederde duinen.
Ze was blij dat ze haar Meindl wandelschoenen aan had gedaan in plaats
van haar favoriete zwarte Uggs.
Nu had ze tenminste goed grip op het smalle paadje dat tussen de heide
en de gladde duinen liep.
Onder de witte schoonheid lagen verradelijke mosjes die, in natte en
koude tijden, het effect hadden van een glijbaan. Voor je het wist lag
je horizontaal onderuit.
De scherpe koude oostenwind sneed in haar gezicht en deed haar ogen
tranen. Ze rilde, en niet alleen van de kou. 

De woorden die hij geschreven had stonden op haar netvlies gebrand.
Als in een eindeloos refrein herhaalden de woorden zich één voor één.
'Het lijkt me beter dat ons contact stopt gezien het feit dat we teveel
verschillen qua niveau. '
Hij gebruikt de oude spelling nog, dacht ze bitter, net als alles
eigenlijk oud aan hem was.
Zijn kleding was gedistingeerd maar te stijf voor zijn leeftijd.
Zijn houding was kaarsrecht en zijn pas waardig, zodat kon je zien dat
hij zichzelf hoog achtte.
De blik in zijn ogen was altijd scherp maar, toen ze er goed op ging
letten, kil.
Hij heeft een vogelenkop, dacht ze, met een jagersblik. Een havik.
Niets ontziend. Meedogenloos. Zo gaat hij op zijn doel af.
De zinnen die volgden waren net zo kil, niets ontziend en vooral;
meedogenloos.
Ze voelde de tranen in haar ogen prikken en dit keer wist ze dat het
niet door de schrale oostenwind kwam. 

Het strand lag er verlaten en troosteloos bij. Zelfs de schelpen waren
ondergedoken onder het zilte goud.
Een meeuw krijste traag zijn gezang waarop geen antwoord kwam.
Ze tuurde naar de zee die mijlenver weg leek te zijn.
Zelfs de zee trekt zich terug, dacht ze treurig.
Het leek alsof haar wereld enkel nog bestond uit vage contouren...  

Waarom liep ze hier eigenlijk, hoe zou ze troost kunnen vinden in de troosteloosheid?
Hoe kun je duidelijkheid vinden wanneer alles vaag lijkt, vaag en o zo ver weg?
Of ligt het antwoord op alles toch binnen in jezelf? Haar psycholoog had haar een aantal zelfhulpboeken aangeraden, ze lagen nog dicht op haar nachtkastje. 

De wind schuurde haar betraande wangen droog, het zout liet witte sporen achter.
Ze liep door tot aan de waterlijn.
Het antwoord kabbelde haar tegemoet... afstand is er alleen als je blijft staan.